Tekstversie

U bevindt zich hier:

Bouwhistorie

Ecologie

Gebiedsontwikkeling

Historische Geografie

Overige werkvelden

Algemeen:

Startpagina

BOUWHISTORIE

De bouwhistorie bestudeert zowel individuele gebouwen in al zijn aspecten, bouwkundig en architectuurhistorisch, als historische stedebouwkundige structuren.

Oude gebouwen die vrijwel ongeschonden de tand des tijds hebben overleefd zijn uiterst zeldzaam in dit land. Veel historische gebouwen hebben een geschiedenis achter zich waarin veel werd veranderd, vaak omdat de oude vorm en indeling niet meer voldeden aan nieuwe eisen. Het gevolg was vaak dat historische vormen aan het oog werden onttrokken maar nog wel, geheel of gedeeltelijk, bewaard bleven.
In de praktijk betekent dit dat zonder onderzoek vaak niet bij benadering valt te zeggen welke cultuurhistorische waarden een gebouw herbergt.
Historische gebouwen hebben dan ook veel met het bodemarchief gemeen: zonder gericht onderzoek is het vaak onmogelijk van buiten te zien welke waarden onder het oppervlak verborgen zitten. In beide gevallen veelal letterlijk, onder de grond of achter pleister, verlaagde plafonds of verhoogde vloeren. Het is in het verleden vaker voorgekomen dat ogenschijnlijk oninteressante gebouwen bij nader onderzoek onverwachte schatten bleken te verbergen. Vaak te laat, tijdens de sloop of tijdens een verbouwing waarbij historische onderdelen niet meer bleken te passen in het al vastgestelde bouwplan.

Bouwhistorisch onderzoek verschaft veel nieuwe kennis over de historische bebouwing, waardoor een beter beheer daarvan mogelijk is. In de praktijk fungeert bouwhistorische onderzoek dan ook als de ‘handen en voeten’ van de monumentenzorg en is bijna altijd verbonden aan overheidsbeleid of concrete verbouwings-, restauratie- of sloopplannen. Bij overheidsbeleid moet gedacht worden aan het uitvoeren van inventarisaties, waarbij gekeken wordt of er nog waardevolle bebouwing aanwezig is die niet is beschermd als gemeentelijk of rijksmonument, maar toch belangrijk genoeg is om behouden te blijven. Daarbij kan gedacht worden aan gebouwen in een stedelijke context, maar ook aan bijvoorbeeld boerderijen of waterstaatkundige objecten.